Vorige week op een BBQ een discussie gehad met een fervent openbaar vervoer gebruiker die als voordeel opnoemde dat je zo nog mensen ontmoette. Tja…
Kijk, in vind het vreselijk. Of het nu op het openbaar vervoer is, als ik aan’t wachten ben op’t openbaar vervoer of als ik aan’t aanschuiven ben voor eender wat. Ik wil niet aangesproken worden! ‘t Is te zeggen… soms is dat wel eens leuk. Zeker als de wachttijd niet te lang is. Zo kan je ook snel weer wegvluchten van het ongevraagde gesprek.
Nu vroeg ik me onlangs af waarom ik dat eigenlijk niet leuk vond. Want eigenlijk is het concept op zich wel tof: je hebt een babbel met een onbekende, en dit kan onverwacht wel eens heel leuk zijn. Maar meestal, ik weet niet of dat enkel bij mij voorkomt, meestal zijn de gesprekken van iets minder leuke aard. Als mensen mij aanspreken, is het om te vertellen wat een miserie ze wel niet hebben… miserie met de gezondheid vooral. Daarna miserie met de partner of ouders of kinderen… miserie met werk of met school… miserie met vrienden, miserie met vanalles en nog wat. Mensen vinden het blijkbaar leuk om hun miserie tegen totaal onbekenden te luchten. Ik snap dat wel… dan ben je je verhaal nog eens kwijt. En heel heel soms bezondig ik mezelf er ook wel eens aan. Mijn probleem is dat ik die miserie mee ga nemen als bagage. Afstand doen staat niet echt in mijn woordenboek. En dan nog: als het echt grote miserie is, weet ik niet hoe ik daarop moet reageren. Dus mensen, als je mij ooit tegenkomt en je hebt de onweerstaanbare drang om iets te zeggen tegen mij, hou het dan licht, luchtig en vrolijk.
Vrouwe Raika,
Ik moet het dus licht, luchtig en vrolijk houden. Nou, dat zullen we dan even proberen.
Nu… Ik heb er even over nagedacht en dat gaat helemaal niet. Als ik namelijk een lichte, luchtige, vrolijke babbel opstart, dan verdenkt U er mij natuurlijk meteen van dat ik U wil versieren. Ja! Godsamme! U denkt natuurlijk: wat een geniepig, vies mannetje staat zich hier voor mij aan te stellen?!? Een oude, vuule riekere, zoals wij in West-Vlaanderen zeggen…
Dus als ik ooit het geluk mocht smaken U op een of andere bushalte te ontmoeten, dan zou ik enkel even naar U knipogen.
Desalniettemin groet ik U hier op hartstochtelijke wijze,
De Drs
P.S. U weet nochtans niet wat U mist.